Programma
Tussen hoofdsteden
Een verrassend programma met twee sextetten en
twee kwintetten.
Plaatsen van handeling: Wenen en Parijs
| Ludwig van Beethoven
(1770-1827) |
|
Quintet in E flat major opus
16 (1796)
hobo - klarinet - fagot - hoorn - piano |
 |
 |
 |
| Bohuslav Martinu (1890-1959) |
|
Sextet (1929) fluit - hobo - klarinet
- fagot - hoorn - piano |
 |
 |
 |
| André Caplet (1879-1925) |
|
Quintette (1898)
fluit - hobo - klarinet - fagot - piano |
 |
 |
 |
| Jean Françaix (1912-1997) |
|
l’Heure du Berger (1947)
fluit - hobo - klarinet - fagot - hoorn - piano |
Mozart's
kwintet KV 452 stond model voor het Kwintet opus 16 voor hobo, klarinet,
fagot, hoorn en piano dat Ludwig van
Beethoven in 1796 componeerde. Gaat het bij Mozart
om pure kamermuziek, Beethoven lijkt een pianoconcert in kleine
bezetting geschreven te hebben. Bovendien is Beethoven’s muziek
op grotere schaal opgezet, met name het eerste deel dat ongeveer
de helft van het gehele werk beslaat. Net als het eerste deel is
ook het lyrische Andante complexer van aard dan het overeenkomstige
deel bij Mozart. Dit Kwintet wordt op uiterst luchtige wijze afgerond
met een speels Rondo. Beethovens kwintet opus 16 is één
van de belangrijkste werken uit zijn’ eerste periode’.
In zijn Sextet uit 1929 voor fluit, hobo, klarinet,
fagot, hoorn en piano toont de Tsjech Bohuslav
Martinu zich een eclecticus pur sang. Dit is ongetwijfeld
mede het gevolg van het feit dat hij in verschillende landen - waaronder
Frankrijk en de Verenigde Staten - woonde en werkte, en met grote
gretigheid kennis nam van de locale muzikale cultuur. In zijn Sextet
horen we de invloed van zijn Franse tijdgenoten en Stravinsky maar
verrast hij de luisteraar in het vierde deel ook plotseling met
een jazzy getinte Blues.
André
Caplet schreef het Quintette voor fluit, hobo, klarinet,
fagot en piano al op 20-jarige leeftijd. Het werk werd kort na het
ontstaan in 1898 onderscheiden met een prestigieuze prijs. Anders
dan bij veel werken van tijdgenoten als Debussy en Roussel, beantwoordde
het Quintette wel aan de verwachtingen van de tijd. Het vernieuwende
element zit in dit werk vooral in Caplet’s gebruik van kleur.
Het Quintette is geschreven in een klassieke vierdelige vorm. Prachtig
van sfeer is het lyrische langzame deel. Dit prille maar fraaie
werk van Caplet werd, vreemd genoeg, in de twintigste eeuw sterk
verwaarloosd, maar wordt door het Hexagon Ensemble in dit programma
nieuw leven ‘ingeblazen’.
De uitsmijter in dit programma wordt gevormd
door l’Heure du Berger van Jean
Françaix. In dit werk worden drie generaties
op humoristische maar tegelijkertijd genadeloze wijze verbeeld.
In het eerste deel verschijnen ‘Les Vieux Beaux’. De
oudjes zijn niet meer al te goed ter been en gaan strompelend door
het leven. In deel twee verschijnen de ‘Pin-up Girls’.
Verbeeld door een zwoele klarinet zijn zij slechts uit op uiterlijk
vertoon. Deze dames worden gevolgd door ‘Les petits nerveux’,
de beweeglijke jongste generatie die voor een hilarisch en adembenemend
slot zorgt.
|